Getijden

Een veelbesproken topic onder Platte Aarders is ‘getijden’. Laten we eens een kijkje nemen naar enkele ‘problemen’ die ze (denken te) hebben gevonden.

Wat veroorzaakt de getijden?

Observatie leert ons meteen dat de maan er iets mee te maken moet hebben. De regelmaat van getijden en de positie van de maan aan de hemel zijn onlosmakend met elkaar verbonden. Getijden zijn dan ook het resultaat van de zwaartekracht van zowel zon als maan. Maar het is een tikkeltje ingewikkelder dan de meesten onder ons denken. Het is namelijk het verschil tussen de sterkte in zwaartekracht en niet de zwaartekracht rechtsreeks die de getijden veroorzaken.

Een locatie die zich dichter bij de maan bevindt zal een sterkere aantrekking ervaren dan een tegenoverliggende locatie op aarde, verder van de maan verwijderd. Hierdoor zal het water dat de aarde omringt de vorm van een ellipsoïde (een uitgerekte bol) aannemen. De aarde, die zich in het midden van deze watermassa bevindt en een vastere vorm kent, draait rond in deze ovale vorm en op deze manier zullen zowel de locatie het dichtste als de locatie het verste van de maan vloed kennen.

Waarom ervaart de kant die weg van de maan is een tweede, maar lager getij?

De invloed van de zwaartekracht van de maan op het water aan de andere kant van de aarde is hier het minst. Aangezien onze planeet weinig flexibel is kent de bodem van de zee een zwaartekracht die gelijk is aan het midden van de aarde, een punt dat dichter bij de maan ligt. De aarde wordt dus sterker aangetrokken dan het water en ‘zinkt’ als het ware.

Omdat zwaartekracht kwadratisch afneemt met afstand, is het getijde hier echter minder uitgesproken dan die aan de maanzijde.

Als de zwaartekracht van de maan sterk genoeg is om een hele oceaan op te tillen, waarom is het dan te zwak om een schip of persoon naar de maan te trekken?

Dit is werkelijk een vraag die vele Platte Aarders stellen, hoe vanzelfsprekend verkeerd deze ook is. Zeewater zelf vliegt niet naar de maan, dus de vraag kent eigenlijk al een fout uitgangspunt. De zwaartekracht die door de aarde zelf wordt uitgeoefend, is veel groter dan de zwaartekracht van de maan. Hierdoor blijft alles (zeewater, schepen en personen) aan het aardoppervlak gekluisterd.

Zeewater is een vloeistof en zal een evenwicht zoeken in de laagste energietoestand. De som van alle krachten die erop wordt uitgewerkt zal uiteindelijk de vorm van de massa bepalen. Hierin spelen de zwaartekracht van de aarde, de maan en de zon, alsook de Archimedeskracht en de wrijvingskracht een rol.

Dit is toevallig een van de meest voorkomende misvattingen over zwaartekracht binnen de Platte Aarde-gemeenschap. Het idee is dat als zwaartekracht een zwaar object kan aantrekken, het door ‘logica’ in staat zou moeten zijn om lichtere objecten met een grotere kracht te beïnvloeden. Dit is onjuist omdat de zwaartekracht recht evenredig is met de massa. Hoe groter de massa, hoe groter de zwaartekracht. Maar we mogen niet vergeten dat de aantrekkingskracht van de aarde nog steeds zal winnen.

Waarom wordt enkel zeewater beïnvloed door de maan, en niet het water in meren en beken?

Alle oceanen in de wereld zijn met elkaar verbonden; water kan er vrij tussen stromen. Een locatie waar vloed heerst gebruikt hiervoor water waar het eb is.

Meren echter zijn geïsoleerde systemen en veel minder groot. Ook hier zal water van de ene kant van het meer naar het andere stromen, maar het effect zal korter en veel minder waarneembaar zijn. De Grote Meren op de grens tussen de Verenigde Staten en Canada ondervinden getijden van ongeveer 5 cm hoogteverschil.

Maar er zijn meren die wel getijden kennen!

Verwarrend! Ten eerste zijn er watermassa’s waarvan de officiële naam ‘meer’ is, maar die toch deel uitmaken van de oceaan. Een voorbeeld hiervan is Lake Maracaibo in Venezuela. Dit ‘meer’ is via een zeestraat van 5,5 km breed met de zee verbonden.

Ten tweede wordt de term ‘getij’ soms gebruikt voor andere verschijnselen die niets te maken hebben met de maan- of zonnecyclus. Zo wordt het opkomen van het oppervlak van een meer als gevolg van een verhoogde rivierstroom of smeltende gletsjers in sommige culturen ook wel eens ‘getij’ genoemd. In dit artikel kijken we alleen naar getijden die worden veroorzaakt door de maan- en zonnecyclus.

Ten derde ervaren sommige meren zeer kleine maar meetbare getijden. De grootste meren ter wereld hebben getijden, maar op veel kleinere schaal, niet meer dan 4 cm hoog.

Getijden komen enkel voor in zout zeewater. Zoet water wordt niet beïnvloed door de maan. We kunnen concluderen dat het zoutgehalte en de elektromagnetische eigenschappen van de maan de getijden veroorzaken!

Laten we eens kijken naar de volgende feiten:

  • De Middellandse Zee heeft een hoger zoutgehalte dan de meeste zeeën, maar kent zwakkere getijden.
  • Niet alle meren zijn zoetwatermeren. Sommige meren hebben zelfs een hoger zoutgehalte dan het gemiddelde zeewater. Maar meren kennen geen getijden, of slechts hele lage.

We kunnen dan ook uitsluiten dat het zoutgehalte van het water of elektromagnetisme iets met de getijden te maken heeft. Vermoedelijk heeft deze misvatting te maken met de vorige twee.

De zwaartekracht van de zon is groter dan die van de maan. Waarom heeft de maan dan meer effect op de getijden dan de zon?

De zon is inderdaad groter en heeft daardoor ook een grotere zwaartekracht. Maar de zon staat ook vele malen verder van de aarde verwijderd dan de maan. Hierdoor is het verschil in zwaartekracht op de verschillende delen van de aarde kleiner en is het effect op de getijden ook kleiner. Bij een voorwerp dat dichter bij de zon staat, zoals de maan, is het verschil in zwaartekracht groter en dit resulteert in een groter effect.

Waarom worden de getijden enkel door de zon en de maan veroorzaakt?

Alle hemellichamen hebben een gravitationeel effect op de aarde, maar vanwege hun afstand (en soms kleine massa) is het effect onbeduidend. De planeet die het meest invloed op de getijden heeft is Venus, maar het effect is minimaal.

Als oceanen getijden kennen, dan moeten andere delen van de aarde deze ook ervaren. Maar we zien dit niet in de realiteit!

Dit is een argument uit onwetendheid. Zowel de atmosfeer als de aardkorst kennen getijden. De aardkorst echter is veel solider dan water en zal slechts een zwakke getijde kennen. De atmosfeer kent een getijde die door de zon wordt veroorzaakt. We gaan hier niet verder op in.

Sommige rivieren kennen ook getijden. Dus getijden kunnen overal plaatsvinden!

Het deel van een rivier die getijden kent is de monding, die dicht bij de zee of oceaan ligt. Als de rivierbedding lager is dan zeeniveau, wordt deze beïnvloed door getij.

Als de rivierbedding hoger is dan zeeniveau, wordt deze niet of amper beïnvloed door de getijden van de zee. Er zal hooguit een lagere stroomsnelheid waargenomen worden.

Vloed is niet op het moment dat de maan het hoogste staat!

Getijden kennen  een faseverschuiving. Gravitatiekrachten komen vrijwel onmiddellijk aan, maar water heeft tijd nodig om te bewegen. Er is dus een vertraging tussen de oorzaak en het gevolg. Verschillende plaatsen hebben verschillende getijdepatronen en faseverschuivingen.

Leuk weetje: de weerstand die het water ervaart om steeds van positie te wisselen vertraagt de aardrotatie met ongeveer 1 seconde per 50.000 jaar. Maar laten we niet te veel opschudding veroorzaken…

 

Krachten als vectoren

Er zijn veel misvattingen binnen de kringen van Platte Aarders, dat mag wel duidelijk zijn. En veel daarvan zijn een gevolg van het gebrekkig begrijpen van hoe krachten op een object werken.

  1. Een kracht wordt beschreven door een vector. Het heeft een omvang en een richting.
  2. Een object kan tegelijkertijd door meer dan één kracht worden beïnvloed.
  3. Deze krachten kunnen bij elkaar worden opgeteld, wat resulteert in wat we de ‘resultante’ noemen. Het object beweegt volgens de grootte en richting van de resultante.
  4. Krachten kunnen elkaar tegenwerken en resulteren in een nulresultaat. Maar dit betekent niet dat deze krachten niet bestaan.
  5. Een onbeduidende kracht kan ter vereenvoudiging worden weggelaten in een berekening. Maar dit betekent niet dat deze kracht niet bestaat.
  6. Een kracht kan de tegenovergestelde richting hebben van de resultante. Maar dit betekent niet dat deze kracht niet bestaat.

Deze basiskennis over hoe krachten en vectoren werken, kan handig zijn om volgende misvattingen te beantwoorden:

  • ‘Een heliumballon beweegt omhoog. Er bestaat dus geen zwaartekracht.’
  • ‘Satellieten vallen niet op de aarde. Dus zwaartekracht bestaat niet.’
  • ‘Water in een glas lijkt niet aangetrokken te worden door de maan. Er is dus geen zwaartekracht van de maan.’
  • ‘Wind alleen al kan een veer doen wegvliegen. Dus zwaartekracht bestaat niet.’

Veel meer vergelijkbare misvattingen zijn te vinden binnen de Platte Aarde-gemeenschap en kunnen snel worden beantwoord met een beetje basiskennis van de natuurkunde.

Referenties